Home › Oefenen

Veertien oefenteksten

Lees een tekst en bepaal zelf welke van de zeven structuren de schrijver gebruikt — dat is telkens de vraag. Je krijgt meteen gerichte feedback, ook als je het mis hebt. De teksten staan in willekeurige volgorde.

Oefentekst

De stoeptegel als stille hoofdrolspeler

Een onderwerp dat je dagelijks onder je voeten hebt, blijkt verrassend veelzijdig.

Oefentekst

Wachtmuziek: het geluid van de wachtrij

Iedereen heeft het weleens gehoord, maar wat valt er eigenlijk over te zeggen?

Oefentekst

De handtekening op weg naar het museum

Een krabbel die eeuwenlang vanzelfsprekend was, verandert in rap tempo.

Oefentekst

Het stadhuis van de klok

Hoe we de tijd aflezen, vertelt een verhaal van eeuwen.

Oefentekst

Het schoolplein zonder telefoons

Sommige scholen verbieden de telefoon helemaal. Een goed idee, of niet?

Oefentekst

Een dorp dat zijn eigen geld drukt

Lokaal geld dat alleen in één gemeente geldig is: lust of last?

Oefentekst

Waarom fluisteren we in een bibliotheek?

Niemand legt het ons uit, en toch doen we het allemaal.

Oefentekst

Hoe weet een postduif de weg naar huis?

Losgelaten op honderden kilometers afstand, vindt de duif tóch het hok terug.

Oefentekst

Geef leerlingen les in geld

Op school leren we breuken en grammatica, maar nauwelijks hoe je met geld omgaat.

Oefentekst

Houd de kleine bibliotheek open

Buurtbibliotheken sluiten één voor één. Dat moeten we niet laten gebeuren.

Oefentekst

De stad die in het donker verdwijnt

Steeds meer mensen zien de sterren niet meer. Wat valt daaraan te doen?

Oefentekst

Te veel keuze in de supermarkt

Twintig soorten pindakaas klinkt fijn, maar maakt kiezen verrassend zwaar.

Oefentekst

Waarom een liedje blijft hangen

Een melodie die je niet kwijtraakt: het verschijnsel van de oorwurm.

Oefentekst

Het raadsel van de lege ronde getallen

Waarom voelt de prijs van 1,99 zoveel lager dan 2,00?